Ready To Play in Musicon

maandag, 2 februari 2026 (16:08) - VPRO 3voor12

In dit artikel:

Dit weekend verandert Musicon tijdens Ready To Play: Big Weekend in een podium voor jonge bands van muziekschool Ready To Play. Op de tweede dag presenteren zeven beginnende acts zich aan publiek en vakmensen, met extra inzet: het luidste applaus — gemeten in decibel — levert drie uur studiotijd op om een nummer op te nemen.

June’s Dead trapte af als energieke viermansformatie; de zanger/gitarist riep een Metallica-achtige uitstraling op en hun cover van Judas Priest’s “Breaking the Law” leverde zelfs een kleine moshpit op. Divergent, een jongere band, wisselde moderne en jaren ’90-covers (Twenty One Pilots, The Cranberries, Nirvana) en groeide zichtbaar in spontaniteit gedurende hun set. Under 8 Eyes beleefde naar eigen zeggen hun debuut: drie vrouwelijke bandleden die zingen vanuit de ritmesectie gaven met een Green Day-cover een punkachtige entree, met een contrast tussen stoere kleding en een metalachtige gitarist.

Hay Fevers opende verrassend met Big Thief en wisselde ingetogen indie af met brutale popmomenten; hun zangeres leverde één van de avond’s eerste scheldwoorden op een onverwachte manier. Big Five gaf bekende riffs een nieuw jasje — denk “Seven Nation Army” in een jazzy/Amy Winehouse-sausje — door ritmische verschuivingen en soulvolle zang. Soulwire, de meest ervaren groep van de reeks, presenteerde een strak opgebouwde set met repertoire van Arctic Monkeys tot Hozier en Amy Winehouse. Feisty, met zes man sterk, domineerde het podium met attitude en publieksinteractie en sloot krachtig af met onder meer een cover van Anouk’s “Girl”. Electropopartiest Daise sloot de avond af in aftershow-stijl, ter gelegenheid van zijn singlerelease “Undercover”, met een mix van analoge instrumenten en elektronische sounds die aan een gepolijste versie van The Neighbourhood deed denken.

De dB-metingen wezen Feisty aan als winnaar: zij verdienden de studiotijd met het meest enthousiaste publiek. Hoewel er maar één prijs was, lieten alle acts een hoge kwaliteit zien en viel op dat veel bands vrouwelijke kopstukken hebben — een opvallende en positieve tendens voor de nieuwe generatie pop- en rockacts. Voor beginnende groepen betekent zo’n podium niet alleen competitie, maar vooral zichtbaarheid en een concrete kans om professioneel materiaal te maken.