Leiden luistert: Sunday At Eight - Sunday At Eight
In dit artikel:
De Leidse band Sunday at Eight heeft na twee singles en een releaseparty in Gebr. de Nobel hun eerst ep uitgebracht: zes nummers, in totaal zo’n 22 minuten, bedoeld om het kunnen van de jonge groep te etaleren. Het kwartet rondom zanger Damiaan van Noort laat zich zelf “retropop” noemen en put duidelijk uit de platenkasten van vorige generaties; invloeden van Queen, Rufus Wainwright en Beatlesachtige melodiek zijn duidelijk aanwezig, maar nooit overheersend.
Opvallend is de stylistische variatie binnen de korte speelduur: van lichtvoetige pianopop en bluesy melodieën tot een ska-nummer en een nummer met grungy inslag. Die diversiteit had de ep fragmentarisch kunnen maken, maar dankzij consistente songs en een strakke productie blijft het geheel coherent. De productie kwam voor rekening van Jan Stroomer (The Stream), en dat levert een helder geluid op waarin Bas Janson’s baslijnen en Antonio Kamerling’s drumfills goed uit de verf komen; arrangementen en instrumentale passages voelen bewaakt en doordacht.
Op trackniveau springt opener “The Thrill” eruit als een aanstekelijke single die meteen de kenmerkende mix van gevoeligheid en speelsheid toont. “The Rain” is bluesy en bevat een gesproken stukje dat doet denken aan Paul McCartney, maar het refrein compenseert dat ruimschoots. Hoogtepunt op de plaat is “The Game”, een melodisch sterk nummer met een flamboyante, deels Wainwright-/Mercury-achtige inslag en een subtiele maatschappelijke sneer in de tekst. “Why Can’t We Be Friends” richt kritische blik op Amerika en toont zich als het skanummer van de plaat, compleet met saxofoon in plaats van de gebruikelijke baspartij. “Turn the Tide” brengt een donkerdere sfeer die aan The Smiths en vroege Pearl Jam doet denken en biedt ruimte voor korte solo’s; de afsluiter “My Baby’s Run Away” is een luchtig, bluesy slotstuk.
Kritisch punt is dat de band nog niet een heel uitgesproken eigen stem heeft: de verwijzingen naar hun helden zijn prijzenswaardig maar temperen de originaliteit. Ook zou iets meer achtergrondzang de refreinen extra kleur kunnen geven. Desondanks laat deze debuut-ep een band zien met technische vaardigheid, sterke songwriting en een betrouwbare productie. Als Sunday at Eight blijft optreden en schrijven, ligt er een reële kans dat ze hun eigen, onderscheidende identiteit verder ontwikkelen. Deze eerste schijf vormt een veelbelovende start.