Industrial Light and Magic bij ambachtelijke muziek
In dit artikel:
Het Nieuw-Zeelandse/Nederlandse trio MY BABY keerde na bijna drie jaar terug naar de Grote Zaal van de Nobel op 18 december 2025, met de Rotterdamse/Zeeuwse act KIND HUMAN als opener die daar haar debuut maakte. MY BABY staat bekend als een eigenzinnig kruisbestuiving van dance, blues, psychedelische rock en funk; live richt de groep zich op zowel minimalistische kernenergie als op visueel spektakel.
KIND HUMAN opende met dromerige, gitaargedreven indiepop die aan de jaren negentig doet denken. De zangeres Isabelle van Beek bouwt haar nummers rond backingtracks en samplepads en hanteert vaak scherpe, maatschappijkritische teksten. Vanavond werd die tekstuele scherpte echter deels weggedrukt doordat de zang in de mix ondergeschikt lag aan de beat en het publiek rumoerig was. Daarmee kwam haar potentieel niet volledig uit de verf; de set kabbelde en vroeg om een herkansing. Visueel oogde het podium vriendelijk met stickers en een zachte, uitnodigende uitstraling, en Van Beek spoorde het publiek aan tot compassie en nieuwsgierigheid.
MY BABY nam daarna de zaal over met een zorgvuldig opgebouwde set waarin ongeveer de helft uit nummers van het laatste album Echo bestond, afgewisseld met publiekstrekkers als Uprising en Seeing Red. De kenmerkende hoge uithalen, bluesrockgitaar en stuwende drums stonden centraal en klonken sterk; het geluid zat goed in elkaar. Live viel een refrein van Take It as a Warning op door een spirituele wending die deed denken aan Wade in the Water. Het slotnummer Uprising fungeerde als climax, uitgevoerd in een house-tempo waarbij gitarist Daniel Johnston uitpakte met een lange, slide-gedreven solo.
Beeld en beweging vormden een even belangrijk deel van de show als de muziek. Het podium was ingericht met twee monitoren en drie speakers in een heksenkring, het drumstel stond iets naar voren en er waren cirkels op de vloer als planeetbanen. Lichtontwerp en projecties gaven de songs extra lading: een ‘lichtfontein’ bij Sunroof Diesel, duospots die Cato van Dijck spookachtig uitlichtten, en live meebewegende achterprojecties die bij Shameless metershoge schaduwen opleverden. Bij Ain’t No Turning Back flitsten computeranimaties van een vallend vrouwensilhouet langs — beeldtaal die aansluit bij de thematiek van de nummers — en Agree 2 Disagree benadrukte contrasten met wisselende silhouetten.
Ook de kledingkeuzes droegen bij aan de theatrale beleving: Joost met bandana en witte zonnebril, Cato met een doorschijnende jurk en hoodie-achtig jasje, plus dynamische wisselingen tijdens de set. Er was ruim ruimte voor beweging; Daniel liep het podium over om bij de drummer te spelen en Joost spoorde het publiek aan met de woorden “De snelste danser wint!” Het tempo werd steeds verder opgedreven en in de toegift ontstond zelfs een kleine cirkelpit.
Kort samengevat: KIND HUMAN liet interessante akoestische en tekstuele ideeën horen, maar verloor die deels door mix- en publieksomstandigheden; MY BABY bewees waarom je een concert bezoekt in plaats van thuis te luisteren: muzikaal strak, visueel rijk en vol podiumdynamiek.