Duistere schoonheid bij DUFFHUES en Flying Horseman in Gebouw-T
In dit artikel:
Donderdagavond in Gebouw-T bood een intens, donker maar muzikaal rijk dubbelconcert: de Belgische eenling DUFFHUES opende, Flying Horseman sloot af. Beide sets draaiden om zware thema’s — oorlog, macht, vervreemding — maar werden gebracht met fijne nuance en instrumentale verbeeldingskracht, waardoor de zaal niet in somberheid wegzakte.
DUFFHUES trapte af met Demon Witch van het recent verschenen elfde album It Has No Face (24 oktober). Zes nummers van dat album kwamen voorbij, aangevuld met werk van Warlock Enemy (2024). De set kenmerkte zich door overstuurde gitaren, gruizige texturen en onverwachte melodieën; stukken varieerden van staccato aanvallen (Smart) tot schurende, Iers getinte bouzouki-lijnen (Theatre Off Grid). Er waren ook stillere, reflectieve momenten: het ambient nummer 14 roept beelden op van een jeugd op het Brabantse platteland, Farm Cleaner neigt naar blues, en het titelnummer liet een melancholische, distortionrijke muur horen. Thema’s als dictatuur en naderend verval kwamen expliciet voorbij, waarna Burn de set apocalyptisch afrondde.
Flying Horseman maakte zijn terugkeer na vijf jaar stilte en presenteerde werk van het op 12 september verschenen Anaesthesia naast oudere favorieten. Bert Dockx stond wederom centraal; drummer Louis Evrard en bassist Maximilian Dobbertin legden een vaste ritmische basis, terwijl Loesje en Martha Mahieu met subtiele toetsen en stemmen de sfeer bepaalden. De band opende met het zwaarmoedige titelnummer en varieerde vervolgens tussen vervreemdende stukken (Border), opbouwende dystopieën (Altered States) en lichtere, jazzy energie (Wild Colours). Dockx trok ook repertoire uit zijn soloprojecten en de Bert Dockx Band erbij — Planets transformeerde accordeonklanken tot ademende blaaslijnen, en Faithfully Yours dompelde het publiek weg in sfeer.
Als toegift kwam Bitter Storm terug als mantra-achtig slot en werd de avond afgesloten met een krachtige uitvoering van Joy Division’s Shadowplay. Conclusie: de inhoud van beide acts was vaak onheilspellend, maar de uitvoeringen boden genoeg muzikaliteit en verbeelding om die duisternis om te zetten in iets troostrijks en intens indringends.